Voeding & Gezondheid

https://ucdintegrativemedicine.com/2015/03/the-ultimate-resource-guide-for-plant-based-living-2/?fbclid=IwAR0Mt0qcofU4-blPaPODuJcep_kA_3_vAnT9ysgBnJygyp6CQvtmQNYOLf4#gs.6l3xa=U

Credits: Dr Annelies Moons

Als huisarts met belangstelling in het verband tussen voeding en gezondheid wil ik graag reageren op bovenstaand artikel. Zelfstudie en de opleiding Plant Based Nutrition (T. Colin Campbell -Cornell University New York) heeft mij doen inzien dat wij, gezondheidswerkers, in onze opleiding de basis missen om de bevolking de juiste adviezen te geven om een goede gezondheid na te streven. De lobby van de voedingsindustrie (zuivel, vlees, frisdrank, ….) en farmaceutische industrie speelt daar een heel belangrijke rol in. Het is ondertussen wetenschappelijk aangetoond dat een goed uitgebalanceerd volledig plantaardig voedingspatroon bestaande uit volkoren graanproducten, peulvruchten, groenten, fruit, noten en zaden en arm aan vetten (waarin we in de eerste plaats denken aan de verzadigde vetten) in combinatie met het zoveel mogelijk vermijden van bewerkt voedsel, de meest voorkomende welvaartsziekten in belangrijke mate kan voorkomen. Obesitas, kanker, diabetes, hart- en vaatziekten, achteruitgang van de nierfunctie en de hersenfuncties, gewrichts– en rugproblemen ten gevolge van overgewicht, zorgen voor het verlies van heel wat potentieel gezonde levensjaren en kosten onze overheid handen vol geld. Een gezonde levensstijl bestaande uit een gezond voedingspatroon, voldoende lichaamsbeweging, zo min mogelijk alcoholgebruik en niet roken biedt de beste garantie voor een goede gezondheid en dit tot op hogere leeftijd. Ik refereer hiermee naar de recente publicatie van professor Johan Albrecht en Désirée Vandenberghe (UGent) “ De kost van chronische aandoeningen; wat is de impact van een sterk preventiebeleid?”

De Academy of Nutrition and Dietetics en de American Academy of Pediatrics hebben aangetoond dat kinderen vanaf de geboorte volledig plantaardig kunnen gevoed worden. Dit zal de gezondheid in het verdere leven in positieve zin beïnvloeden door onder andere het risico op diabetes en overwicht te verlagen en door de positieve invloed van een gezond plantaardig voedingspatroon op de darmflora. Er is niets zo onnatuurlijk als het drinken van melk van een andere diersoort . Moedermelk is soortspecifiek , een product dat moeder natuur heeft gecreëerd om de baby in de eerste levensfase van alle noodzakelijke nutriënten te voorzien aangepast aan de leeftijd van de baby en de eigen soort. Koemelk is aangepast aan de behoeften van het kalf, geitenmelk is de ideale voeding voor het pasgeboren geitje, onze eigen moedermelk is de beste voeding voor onze pasgeboren baby. Borstvoeding beschermt de pasgeborene daarenboven tegen infecties door de antistoffen die erin aanwezig zijn. Moedermelk doet de baby op korte tijd snel groeien en is een startvoeding voor het begin van het leven, nadien hebben we geen natuurlijke behoefte meer aan die grote hoeveelheid nutriënten . Een geitje verdubbelt zijn gewicht in 19 dagen, een kalf in 47 dagen, een menselijke baby in 180 dagen. Dat heeft te maken met de hoeveelheid eiwitten in de moedermelk. De hoeveelheid vetten is ongeveer gelijk. Koemelk bevat ongeveer 3 keer zo veel eiwitten als onze eigen moedermelk. Dat zorgt ervoor dat er meer groeihormoon geproduceerd wordt en de groei sneller toeneemt. Dat onze noorderburen zo groot zijn heeft te maken met hun zuivelconsumptie.

Colin Campbell spoot 120 ratten in met het Hepatitis B virus om leverkanker te induceren. Hij zette de helft van de ratten op een 5% eiwitdieet (percentage van de totale hoeveelheid calorieën per dag) en de andere helft op een 20% eiwitdieet . Het eiwit dat hij gebruikte was caseïne dat 87% van de eiwitten in koemelk vertegenwoordigt. Na 100 weken waren alle ratten op een 20% eiwitdieet overleden aan leverkanker, de groep op een 5% eiwitdieet leefden nog allemaal. Met plantaardige eiwitten zag Campbell dat effect niet. De cutoff waarde waarbij hij tumoren zag groeien lag op 10% dierlijke eiwitten in de voeding. Een typisch westers voedingspatroon zit daar ver boven. De vraag is natuurlijk of dit te extrapoleren is naar de mens. Zijn het de dierlijke eiwitten op zich die de tumoren doen groeien of is het de link met de toegenomen groeihormoon productie onder invloed van zuivelconsumptie die tumorceldeling stimuleert ?

20% van de calorieën in halfvolle melk zijn verzadigde vetten, 10% onverzadigde vetten. Het ontstaan van diabetes is niet het gevolg van te veel suikers in de voeding maar wel te veel vetten en de opstapeling van die vetten in de spieren en lever waardoor insuline resistentie optreedt. Hierdoor kan glucose dat in het bloed komt na de maaltijd niet meer in de spiercellen getransporteerd worden om daar te dienen als energiebron. Het gevolg is dat de suikerspiegels in het bloed te hoog blijven. Zuivel (melk, kaas, eieren) bevat meer vetten dan mager onbewerkt vlees. Een vegetariër die veel melkproducten en kaas eet zal een hoger risico hebben voor het ontwikkelen van suikerziekte dan een matige vleeseter die geen zuivel eet. De vegetariër zal de verhoogde cholesterolwaarden in zijn bloed ook nooit omlaag krijgen als hij zijn zuivelconsumptie niet stopt.

Via dierlijke vetten nemen we heel wat toxische kankerverwekkende stoffen op die de mens in het milieu dumpt. PCB’s, dioxines, brandvertragers, zware metalen, microplastics, pesticiden, uitgeplaste restanten van medicatie,… komen via het oppervlaktewater in zee terecht, ze zijn veelal vetoplosbaar en worden gebonden aan de vetten in vis. 30% van wat de mens uit de oceaan haalt wordt vermalen tot vismeel en wordt gebruik als veevoeder en voeder voor kweekvis. Daardoor komen al die polluenten voornamelijk via dierlijk voedsel op eenieders bord terecht. De mens staat bovenaan de voedselketen in dit proces van bio-accumulatie. De zwangere vrouw geeft deze toxische stoffen in de baarmoeder en na de bevalling via de vetten in haar moedermelk door aan haar nakomelingen. Dit is de reden dat een kind dat de dag van vandaag geboren wordt meer dan 200 chemische stoffen in zich heeft die helemaal niet thuis horen in het menselijk lichaam. Ik ben een absolute voorstander van borstvoeding maar raad nu toch aan om het maximum 6 maanden te geven.

Bespaar uw baby en peuter de opname van nog meer hormoonverstoorders en polluenten via de vetten in koemelkproducten. Kies voor een verrijkte ongezoete sojamelk die gezonde onverzadigde vetten aanbrengt, kwalitatief goede eiwitten en evenveel calcium als koemelk.

Tenslotte is dierlijk voedsel (vlees, zuivel en vis) rijk aan eiwitten en arm aan de mineralen kalium, magnesium en calcium. Dit bepaalt de zuurbelasting van een voedingsmiddel op ons lichaam ( Potential Renal Acid Load waarde). De verzuring die optreedt bij een omnivoor voedingspatroon rijk aan dierlijke eiwitten zorgt voor het verlies van calcium via de urine met nierstenen tot gevolg, voor een verminderde uitscheiding van urinezuur met verhoogde urinezuurspiegel in het bloed wat gerelateerd is aan jicht, hart- en vaatziekten en herseninfarcten en leidt tot spiermassa verlies. Ter vergelijking enkele PRAL waarden : Kaas ( PRAL 18,6 ), zalm (9,4) ,steak (7,8) zijn zuurvormend , sojabonen (-3,4), kikkererwten (-1,3), spinazie (-14), aardappelen (-4), zwarte bessen (-6,5) zijn basisch. Mineralen zoals ijzer, magnesium, kalium, calcium, zink…. zitten in de grond. De weinige mineralen aanwezig in dierlijk voedsel zijn daarin terecht gekomen doordat die dieren zelf plantaardig voedsel eten om hun stofwisseling draaiende te houden.

Idealiter bestaat een plantaardig voedingspatroon voor 70 tot 80% uit trage suikers(volkoren graanproducten, aardappelen en peulvruchten) , 8 tot 12% eiwitten (peulvruchten, quorn, noten, groenten) en 10 tot 15% vetten (voornamelijk onverzadigde vetten uit noten, lijnzaad, chiazaad en andere zaden, koolzaadolie, lijnzaadolie en olijfolie met een maximale verhouding omega 6/3 van 4/1). De massa’s antioxidanten , vitaminen, mineralen en vezels die je opneemt door te variëren in groenten, fruit, granen, noten en zaden beschermen je lichaam tegen de groei van beginnende tumoren die we waarschijnlijk allemaal in ons lichaam hebben door de enorme pollutie van het milieu.

Hier het volledige rapport van Johan Albrecht over ” De kost van chronische aandoeningen; wat is de impact van een sterk preventiebeleid?

NCD’s =vier belangrijkste chronische aandoeningen of non-communicable diseases : diabetes, hart-en vaatziekten, kanker, ademhalingsproblemen.

Deze lifestyle diseases of non-communicable diseases (NCDs) worden in veel gevallen niet genezen maar langdurig beheerd

door de moderne geneeskunde. Maar geen erg want 70% van deze dure chronische aandoeningen kan vermeden worden – of had vermeden kunnen worden – door de keuze voor een gezonde levensstijl. Goed geïnformeerde en gemotiveerde burgers voorkomen zelf dat ze chronisch ziek worden. Het

volop benutten van dit enorme potentieel bespaart ons in theorie op termijn jaarlijks maar liefst € 23 mrd of 5% van het BBP

In de medische literatuur is er geen discussie over het belang van een gezonde levensstijl voor het vermijden van chronische aandoeningen. Dean Ornish concludeert uit de EPIC studie dat de combinatie van niet roken, een BMI lager dan 30 kg/m2

, 30 minuten fysieke activiteit per dag en een gezond voedingspatroon (hoge consumptie van groenten, fruit en volkoren granen en een lage consumptie van vlees en verwerkte producten) het risico op het ontwikkelen van een chronische

aandoening met 78% vermindert. Deze combinatie vermindert het risico op Diabetes Mellitus Type 2 met 90%, het risico op hartfalen met 81%, het risico op een beroerte met 50% en het risico op kanker met 36%. Willett et al. komt tot zeer vergelijkbare risicoreducties in 2002 en deze cijfers werden

sindsdien o.a. bevestigd door de INTERHEART studie maar ook door vele minder grootschalige analyses. Deze hoge percentages van te vermijden risico’s of voortijdige mortaliteit gelden alleen voor rijke landen met een moderne en uitgebreide gezondheidszorginfrastructuur. Vanuit een globaal perspectief concludeerde WHO in 2015 dat 42% van de overlijdens aan NCDs voortijdig en te vermijden waren. Dit lagere cijfer is het gevolg van de zeer beperkte gezondheidszorginfrastructuur in de armste landen waardoor het onmogelijk is om het lokale preventiepotentieel ten volle te benutten.

Toegepast op de Belgische context – met totale uitgaven aan gezondheidszorg van ongeveer € 44 miljard en een kostenaandeel van de vier belangrijkste chronische aandoeningen tot 35,4% – vinden we een jaarlijkse NCD-kost van € 15,5 miljard. Indien op middellange termijn door middel

van een radicaal en extreem effectief preventiebeleid hiervan 50% vermeden kan worden, ontstaat in theorie een jaarlijkse besparing van € 7,75 miljard. Dit zijn spectaculaire getallen terwijl de grote psychologische baten voor de vele ex-patiënten – eindelijk meer energie en verlossing van medicatie – niet eens opgenomen worden. Een gezonde levensstijl leidt niet alleen tot minder NCD-patiënten maar ook tot minder mensen met overgewicht. De baten van lagere obesitascijfers moeten bij de

vermindering van directe medische kosten gevoegd worden. Ten opzichte van een totaalbudget van € 44 miljard biedt een kostenreductie van € 7,75 miljard een besparingspotentieel van 17,6%.”

Wanneer gaan onze ministers zich buigen over de begroting?

Credits: dr Annelies Loons

Top dat ik in mijn lezingen nu de link kan leggen naar dit onderzoek naast het onderzoek van Lieven Annemans dat op 24/3/2017 in de pers verschenen is. In het najaar van 2014 startte ik mijn zelfstudie naar de link tussen voeding en gezondheid met een artikel dat ik kreeg van professor Clarys van de VUB over het verband tussen de consumptie van dierlijke eiwitten en metabole acidose. Een document over vegetarische voeding bij kinderen van Kind en Gezin, onder supervisie van Myriam van Winckel van de U Gent was mijn eerste voedingscursus. In januari 2017 heb ik de online opleiding van T. Colin Campbell Center for Nutrition Studies gevolgd en het certificaat behaald. Dit heeft mij uiteindelijk de ogen geopend. Wij artsen zijn opgeleid tot marionetten van de pharmaceutische industrie, we lopen ziekten achterna en proberen het kalf te redden als het verdronken is. Nooit hebben wij in onze opleiding voedingsleer gehad, de sleutel tot primaire preventie, en voor een belangrijk deel ook heling, van de welvaartsziekten. Ook diëtisten worden gesponsord om melk , kaas en yoghurt te promoten als onderdeel van een gezond voedingspatroon. De invloed van de farma-, vlees-, zuivel- en frisdrankindustrie is enorm. Zij teren allemaal op de zieke, aan suiker, vlees en kaas verslaafde mens. Er is nog niemand genezen van diabetes, hoge bloeddruk, coronair vaatlijden, verminderde nierfunctie … door de medicatie die hij ervoor neemt, integendeel, de hoeveelheid medicatie die genomen wordt stapelt zich alsmaar op. De uitgeplaste metabolieten van al die chemische stoffen komen via het oppervlaktewater in het milieu terecht en via vis en vismeel in dierlijk voedsel op eenieders bord, net zoals alle ander polluenten de de mens in het milieu dumpt. Ik heb contact met Niklas Oppenrieder van PAN , Physicians Association for Nutrition, een internationale organisatie die is opgestart in navolging van de PCRM in Amerika om gezondheidswerkers en publiek te informeren over de link tussen voeding en gezondheid en waarom een Whole Food Plant Based Diet uiteindelijk de sleutel is voor een optimale gezondheid en de meest efficiënte manier is om als individu onze planeet terug gezonder te maken en de toekomst van onze kinderen veilig te stellen. In januari heb ik op vraag van de redactie van Mediquality (medische pers) een artikel hieromtrent geschreven “Tegen de stroom in, (opinie huisarts)” . Ik heb heel veel positieve reacties gehad en stond in de top 10 van meest gelezen artikels in januari. Ook Lieven Annemans heeft het opgemerkt en heeft mij gefeliciteerd. Dat heeft enorm deugd gedaan want eindelijk heb ik stilaan wat respect gekregen van collega’s voor mijn eenzame strijd voor een ethisch correctere en meer efficiënte aanpak van ons werk als arts. Maar er is nog een hele weg te gaan. Wanneer we de bevolking zouden kunnen overtuigen om dierlijke producten , snelle suikers, kunstmatige zoetstoffen en verzadigde vetten zo veel mogelijk uit het dieet weg te laten en dagelijks te focussen op de G-BOMBS van Joel Fuhrman, M.D. naast voldoende lichaamsbeweging (waarom geen fitness tijdens de werkuren voor mensen met een zittend beroep?) zou iedereen er heel wat gelukkiger (gezonde darmflora !) , fitter en gezonder bij lopen. De maatschappij zou er vlug helemaal anders uit zien. Lithouwen is een voortrekker in Europa. Daar wordt levensstijlgeneeskunde reeds gedoceerd aan de universiteit. Vriendelijke groet .

Nutrition

https://www.anneliesmoonsdoc.be/

Credits Annelies Moons

Laten we “De mythe over kankervlees is protestants bijgeloof” toch eens vanuit een ander perspectief bekijken. De conclusies komen voort uit een symposium dat op 4 juni georganiseerd werd door BAMST ( Belgian Association for Meat Science and Technology ) met wetenschappers in het bestuur die connecties hebben met de vlees-en zuivelindustrie. Voorzitter Frederic Leroy zit ook in de wetenschappelijke raad van het Instituut Danone. Waarvan ook geweten is hoezeer dit lobbywerk verricht bij diëtisten. Ondervoorzitter Professor Stefaan De Smet is vleesexpert aan de faculteit Bio-ingenieurswetenschappen van U Gent

Toeval of niet dat vandaag ook een artikel over onze minister van volksgezondheid Maggie De Block uit dewereldmorgen.be van begin november 2017 aan mijn neus is voorbij gegaan: “De Block voert beleid ten dienste van farma-industrie in plaats van voor patiënt”. Een kort citaat: “Daarnaast stelde ze in november vorig jaar Bart Vermeulen aan als haar adjunct-kabinetchef en hoofd van het geneesmiddelenbeleid. Vermeulen is nog hoofdeconoom bij pharma.be geweest: dé lobbygroep van de farmaceutische bedrijven in België. Toeval?” – nee, vooral geen toeval… dit is de normale gang van zaken en maakt duidelijk dat de industrie de politiek in haar zak heeft zitten”.

Vanaf het ogenblik dat er belangenvermenging mee gemoeid is verliest wetenschappelijk onderzoek zijn geloofwaardigheid.

De missie van BAMST draagt bij tot de verspreiding van wetenschappelijke informatie en nieuwe onderzoeksresultaten over vlees in het algemeen, inclusief de productie, verwerking, consumptie, kwaliteit en veiligheid van vlees en de toekomstige rol ervan in duurzame voedselproductie .

Als er nu iets is wat niet duurzaam is in de voedingsindustrie dan is het in de eerste plaats toch wel dierlijk voedsel. Er is geen inefficiëntere manier om eiwitten te produceren dan door dieren op te fokken voor vlees: bij het rund is 7kg voeder nodig voor 1 kg vlees, bij het varken 6 kg voeder voor 1 kg vlees. Het overige dient om het metabolisme van het dier draaiende te houden, botten en kraakbeen aan te maken, zaken die niet eetbaar zijn en de rest gaat verloren in de mest. En dan moet je weten dat runderen, varkens en kippen zelf hun spiermassa opbouwen door het eten van plantaardig voedsel. Dat de weinige mineralen die in vlees en zuivel aanwezig zijn afkomstig zijn uit het plantaardig voedsel dat die dieren gegeten hebben. Mineralen zitten in de grond, planten nemen ze op uit de bodem waarin ze geteeld zijn. Hoe rijker de bodem hoe meer mineralen in het voedsel. Je vindt meer ijzer in groente, en vooral in peulvruchten, dan in vlees: steak bevat 2.4 mg ijzer per 100g , ter vergelijking de sojaboon 15.7mg/100g , kikkererwten 6.2 mg/100mg. Fytaten in die peulvruchten maken dat dit ijzer minder goed wordt opgenomen. Doch door peulvruchten een nacht te weken en dan te koken verminder je de hoeveelheid fytaten met minstens 50%. In combinatie met vitamine C rijke groenten en fruit stijgt de opnamecoëfficiënt tot praktisch de opname van het tweewaardig ijzer in vlees. Je zal nooit bloedarmoede zien door ijzer tekort bij iemand die gezond plantaardig eet. Voor zink geldt hetzelfde als voor ijzer. Goede bronnen van zink zijn noten, zaden, pompoenpitten, erwten, groene bonen, kikkererwten, biergist, noten, wortelen, volle granen, boekweit, gierst, tarwekiemen, zonnebloempitten, groene bladgroenten, zeewier, tofu en tempeh. Gistvlokken zijn ook een goede bron van B –vitaminen (B1, B2, B3, B6) naast foliumzuur en zink.

Sojabonen bevatten kwalitatief evenwaardige eiwitten als vlees, ze leveren alle essentiële aminozuren naast trage koolhydraten (bron van energie voor ons lichaam, onze hersenen draaien alleen op suikers !), gezonde onverzadigde vetten (omega 3-6 en 9) en vezels. Peulvruchten (bonen, linzen, kikkererwten) zijn de ideale plantaardige vleesvervangers, ze leveren daarenboven heel wat andere gezonde voedingsstoffen die je niet in vlees vindt.

Cholesterol vind je enkel in dierlijk voedsel, vezels vind je enkel in plantaardig voedsel. Vezels zijn het broodnodige voedsel voor onze goede darmbacteriën die korte ketenvetzuren produceren welke ontstekingsremmend werken op ons darmslijmvlies en ons alzo beschermen tegen darmkanker.

Dat je vlees moet eten om vitamine B12 op te nemen is de dag van vandaag totaal achterhaald. Kippen, varkens en koeien die opgesloten zitten in stallen hebben niet de kans om B12 producerende bacteriën op te nemen uit de aarde. Ze zijn zelf afhankelijk van B12 supplementen in hun voeder. Je ziet dan ook bij praktisch alle omnivoren B12 spiegels die aan de ondergrens zitten (veel te laag). Hetzelfde verhaal met de omega 3 vetzuren EPA en DHA in vis. Kweekvis krijgt geen algen te eten en bevat veel te weinig EPA en DHA. Het omega 6 vetzuur arachidonzuur in vlees , vis en zuivel werkt ontstekingsbevorderend, hier tegenover staat in de omzetting van deze essentiële onverzadigde vetzuren het EPA dat ontstekingsremmend werkt. We nemen veel te veel omega 6 op (dierlijke vetten en plantaardige oliën zoals maïsolie en zonnebloemolie in bewerkt voedsel) en veel te weinig omega 3 (lijnzaad, chiazaad, walnoten, EPA en DHA).

Een supplement B12 en EPA en DHA uit algen (= geen polluenten) is dan ook aan te raden voor iedereen.

Studies tonen wel degelijk aan dat de welvaartsziekten hypertensie, hart- en vaatziekten , obesitas, diabetes, nierfalen, osteoporose, achteruitgang van de cognitie en kankers gerelateerd zijn aan de consumptie van verzadigde vetten (voornamelijk afkomstig van dierlijk voedsel: vlees, zuivel en vette vis) en te veel dierlijke eiwitten. Een baby die de dag van vandaag geboren kwordt heeft meer dan 200 toxische chemische stoffen in zich die hij of zij via het navelstrengbloed van de moeder heeft mee gekregen, stoffen die de moeder zelf heeft binnen gekregen vooral gebonden aan dierlijke vetten in haar voeding naast blootstelling aan luchtvervuiling .

Eiwitten spelen een belangrijke rol in de PRAL (Potential Renal Acid Load) waarde van voedingsmiddelen. Deze waarde geeft de geschatte zuurbelasting weer van een voedingsmiddel op het lichaam per 100g product en de invloed die het voedingsmiddel heeft op het zuurgehalte van de urine.

PRAL waarde (in mEq/d) = 0,49 x eiwit (g/d) + 0,037 x Fosfor (mg/d) – 0,021 x Kalium (mg/d) – 0,026 x Magnesium (mg/d) – 0,013 x Calcium (mg/d)

Dierlijke producten (vlees, vis, gevogelte, zuivel en eieren) zijn rijk aan eiwitten en arm aan de mineralen kalium, magnesium en calcium (dit laatste is wel aanwezig in melkproducten). Dit maakt dat een voedingspatroon dat rijk is aan dierlijke eiwitten en arm aan plantaardig voedsel gemiddeld een positieve PRAL waarde zal hebben en het lichaam zal verzuren.

Groenten, fruit en peulvruchten zoals bonen zijn basisch (negatieve PRAL waarden). Noten en graanproducten zijn licht zuurvormend. In een goed uitgebalanceerd plantaardig voedingspatroon zullen eiwitten ongeveer 10% van de dagelijkse hoeveelheid opgenomen calorieën uitmaken. Dit, in combinatie met een grote hoeveelheid opgenomen mineralen, zal de PRAL waarde laag tot zelfs negatief houden (=basisch).

Ons lichaam zal verzuring trachten te bufferen. Dit leidt tot het uitscheiden van zure urine en verlies van calcium via de urine, calcium dat niet beschikbaar is om opgeslagen te worden in onze botten en dat aanleiding geeft tot het ontstaan van nierstenen. Urinezuur wordt minder goed uitgescheiden via de nieren waardoor de urinezuur spiegel in het bloed stijgt. Dit geeft aanleiding tot jicht en verhoogt het risico op hartziekten en herseninfarcten. Ook spiermassaverlies treedt op als gevolg van het verstoord zuur-base evenwicht. Verzuring van het lichaam verhoogt eveneens het risico op metabool syndroom, overgewicht en diabetes type 2.

De consumptie van dierlijke melkproducten (melk, kaas, yoghurt…) beschermt ons dus niet tegen botontkalking maar werkt dit eerder in de hand.

Naast de observationele studie van de Zevende Dag Adventisten (ZDA) in Californië is in Europa de prospectieve EPIC OXFORD STUDY opgestart in 1993 om het verband tussen voedingspatronen en ziekten te bestuderen. In de EPIC OXFORD werden 65000 mensen gevolgd: 33900 vleeseters, 10100 pescovegetariërs, 18800 lacto-ovo vegetariërs en 2600 veganisten . De medische gegevens werden verzameld via de huisartsen, ziekenhuizen, kankerregistratie en overlijdensregisters .

Wat betreft de groep veganisten is het belangrijk om op te merken dat het veganisten waren om ethische redenen (geen dierenleed) en dat deze mensen zeker geen optimaal plantaardig voedingspatroon nuttigden wat tot uiting kwam in de lage vezelinname, amper 18 g per dag daar waar de aanbeveling minstens 25 tot 30 g is (de gemiddelde westerling eet 12g vezels/dag). De vleeseters die zich opgegeven hadden om deel te nemen aan deze studie waren mensen die matig vlees aten en met gezonde voeding bezig waren wat zich uitte in een gemiddelde BMI in deze groep van 24.2 ( in de ZDA studie was de gemiddelde BMI bij de omnivoren 28.2!) De veganisten in de EPIC OXFORD hadden een gemiddelde BMI van 21.9.

Wat bleek uit deze studie? De veganisten hadden zelfs iets meer darmkankers dan de omnivoren (gerelateerd aan hun niet optimaal voedingspatroon, te weinig vezels, te weinig antioxidanten ?). Veganisten en vegetariërs hadden meer cervixcarcinomen. Mogelijke verklaring: veel te weinig screening, mensen die gezond eten en leven denken vaak dat ze niet moeten mee doen aan screeningprogramma’s, ze komen ook veel minder bij hun huisarts. Cervixcarcinoom heeft niets te maken met eetgewoonten maar wel met seksuele leefgewoonten. Maar verder zag men bij de veganisten ten opzichte van de vleeseters: -78% diverticulitis, -40% cataract, -32% nierstenen, -32% hart-en vaatziekten, -19% kankers in het algemeen.

Artsen in Amerika (oa. verschillende cardiologen) zoals John McDougall, Neal Barnard, Caldwell Esselstyn, Joel Fuhrman, Dean Ornish, Joel Kahn, Kim Williams die voorzitter was van de American College of Cardiology in 2016-2017 , die een Whole Food Plant Based Diet adviseren aan hun patiënten hebben aangetoond op korte termijn diabetes, coronaire atheromatose, hypertensie , obesitas en zelfs sommige kankers te genezen zonder bijkomende medicatie. Een goed uitgebalanceerd volledig plantaardig voedingspatroon bestaat uit 75-80% trage koolhydraten (geen snelle suikers !!) , 10% plantaardige eiwitten , 10-15% plantaardige (vooral onverzadigde) vetten geleverd door groenten, fruit, peulvruchten, volkoren graanproducten, noten en zaden.

Een Whole Food Plant Based Diet doet het risico op het ontwikkelen van verschillende soorten kanker dalen en heeft aangetoond de progressie van bepaalde kankers af te remmen en zelfs om te keren. Dit wordt toegeschreven aan de beschermende fytochemicaliën in plantaardig voedsel. Deze fytochemicaliën interfereren met verschillende cellulaire processen die betrokken zijn bij de progressie van kanker, met ontstekingsprocessen die de ontwikkeling van kanker bevorderen, ze gaan de nieuwvorming van bloedvaten in groeiende tumoren (angiogenese ) verhinderen .

Voorbeelden van phytochemicaliën die beschermen tegen kanker zijn: carotenoïden, phytosterine, saponinen, glucosinolaten, flavonoïden en fenolzuren, fyto-oestrogenen, protease-inhibitoren, polyfenolen, fytinezuren of fytaten, sulfiet.

Polyfenolen, carotenoïden, vitamines A, B, C ,E, koper, ijzer, zink , selenium, saponinen, fenolzuur, catechinen, bioflavonoïden, zijn allemaal antioxidanten die schadelijke vrije radicalen zullen neutraliseren die vrij komen bij oxidatieve stress reacties in het lichaam.

Niet alleen kanker maar ook hart- en vaatziekten , diabetes, reumatische aandoeningen, psoriasis , cataract , degeneratie van het netvlies , parkinsonisme , Alzheimer en dementie zijn ziekten waarbij oxidatieve stress een belangrijke rol speelt in het ziekteproces.

Fyto-oestrogenen , polyfenolen, lycopeen in tomaten, omega 3 vetzuren (walnoten, chiazaad, lijnzaad, koolzaad ) , catechines (groene thee) zijn angiogenese inhibitoren, ze gaan de nieuwvorming van bloedvaten in tumoren tegen en remmen alzo de aanvoer van voedingsstoffen. De klassieke behandeling van kankers bestaat naast operatief ingrijpen en/of radiotherapie uit chemotherapie dat de groei van kankercellen gaat remmen of kankercellen gaat vernietigen of farmaca die de nieuwvorming van bloedvaten naar de tumor afremmen. Heel wat secundaire plantenstoffen kunnen door dit laatste effect tumorgroei terug dringen.

Een dagelijkse inname van 2 tot 3 stukken fruit, minstens 3 porties groenten, in het bijzonder : kurkuma (1 theelepel/dag ) in combinatie met zwarte peper en een beetje vetstof (olijfolie, koolzaadolie, lijnzaadolie) om de opname van kurkuma te verbeteren, look , ui, ½ kop groene bladgroenten (broccoli, spinazie, waterkers, kool) , soja (endadame, droge bonen, tofu, sojadrank, tempeh …), gebroken lijnzaad (1 eetlepel), bessen (bosbessen, braambessen, frambozen), champignons, noten (1 handje waarvan 2 paranoten = selenium) en groene thee (3 x 250 ml ) zal de groei van de sluimerende tumoren die we allemaal in ons lichaam hebben terug dringen. We zijn allemaal blootgesteld aan carcinogenen uit het milieu, een veganist weliswaar heel wat minder dan een omnivoor.

Groenten, fruit , noten , zaden, peulvruchten en volkoren graanproducten bevatten meer dan 8000 bioactieve stoffen die ons lichaam gezond maken en houden . Ze versterken elkaars effecten, ze werken synergistisch. Voedingssupplementen die één stof uit deze planten bevatten (vb curcumine uit kurkuma, vitamine C uit citrusvruchten , paprika ) gaan nooit hetzelfde effect hebben als het volwaardige natuurlijke product .

Het vermijden van aan dierlijke vetten (in vis, zuivel en vlees) gebonden toxische, hormoonverstorende en carcinogene polluenten zoals Pcb’s, brandvertragers, zware metalen , pesticiden, microplastics… , het vermijden van dierlijke eiwitten en in het bijzonder zuivel dat de endogene IGF-1 productie verhoogt en celdeling aanwakkert (ook tumorcellen) en het vermijden van tweewaardig ijzer in vlees dat oxidatief werkt op het darmslijmvlies zou het risico op het ontwikkelen van tumoren sterk doen dalen. In combinatie met de beschermende effecten van fytochemicaliën door een overvloedige consumptie van plantaardig voedsel zou de incidentie van kankers in de populatie snel dalen en heel wat gezonde kwalitatieve levensjaren aanbrengen.

Je gaat nooit voor 100% een verband kunnen aantonen tussen een voedingsmiddel en het ontstaan van ziekte omdat er zo veel interfererende factoren zijn. Je kunt wel een verband aantonen wanneer blijkt dat wanneer je een product uit je dieet schrapt je ziekte verdwijnt. Vergelijk het met een eliminatiedieet bij voedingsintolerantie of allergieën.

Granen worden uit Afrika verscheept naar het westen om dieren op te fokken terwijl zo veel mensen daar honger lijden. In Zuid Amerika verdient Monsanto (nu Bayer) massa’s geld met zijn genetisch gemanipuleerde gewassen waar dubbel zo veel pesticiden op gesproeid kunnen worden, waar kinderen in de omgeving van die velden geboren worden met misvormde ledematen, waar nkankers onder de 30 jaar steeds meer voorkomen. Deze genetisch gemanipuleerde soja wordt gebruikt als veevoeder.

Niet het minste respect heeft men voor het intellectueel en emotioneel leven van al die zelfbewuste dieren die een verschrikkelijk leven lijden en een pijnlijke stressvolle dood moeten sterven om te voldoen aan de mens zijn drang naar vlees.

Vlees dat door het voeder waarmee het opgefokt is vol toxische polluenten zit: pcb’s, pesticiden, hormoonverstoorders, zware metalen, brandvertragers, uitgeplaste restanten van medicatie die via het oppervlaktewater in zee en in vis terecht komen. En ja, het is wetenschappelijk bewezen dat vissen pijn voelen, het zijn de dieren in de industrie die het langste afzien voor ze dood zijn. Koeien zijn zelfbewuste moeders die het dagen uitschreeuwen als hun baby hen ontnomen wordt. Ze worden gereduceerd tot melkmachines. De kalveren krijgen ijzerarm voedsel om wit vlees te produceren. Onze patiënten komen met klachten van vermoeidheid als ze bloedarmoede hebben. Wat voor een miserabel kort leven hebben deze babydieren? Vele mensen weten zelfs niet waar melk vandaan komt, stel je voor, zo zijn wij gebrainwasht door de vlees- en zuivelindustrie. Heb je een zeug al eens in een kraamkooi zien liggen? Heb je mannelijke kuikens al eens door de versnipperaar zien verpulverd worden? Heb je al eens gezien hoe kippen met duizenden op elkaar gepakt zitten in stallen of in kooien, zo goed als geen veren, heel vaak kreupel door het gewicht dat die jonge pootjes moeten dragen, nooit daglicht zien, hoe moeten die dieren afzien? Hoe egoïstisch kan je zijn om dieren zo te laten lijden voor een product dat je helemaal niet nodig hebt? Ik schaam me heel, heel diep als mens voor wat wij , 1 soort van de vele op onze planeet, aanrichten met al de andere bewoners van onze moeder aarde . En het is vooral de geïndustrialiseerde wereld die de grote boosdoener is, die zorgt voor de uitstoot van broeikasgassen, die de watervoorraden aan het opgebruiken is, die de regenwouden weg kapt om vlees te produceren en in combinatie met het massaal gebruik van pesticiden ervoor zorgt dat de biodiversiteit op onze planeet in een razend tempo af neemt.

GEEF MIJ 1 REDEN WAAROM JE NOG DIERLIJKE PRODUCTEN ZOU ETEN !

De titel van onze collega is natuurlijk alleszeggend: “De mythe over kankervlees is protestants bijgeloof”: VILVOORDE 05/06 – Over vlees worden elke dag nieuwe misverstanden gepubliceerd. Zo verscheen gisteren het bericht op de radar dat uit Spaans onderzoek zou blijken dat mensen die alleen kant-en-klare maaltijden eten waarin uiteraard vlees verwerkt werd, mogelijk een groter risico lopen op borstkanker. De wetenschappers “vonden” dat de vrouwen die een “ontstekingsdieet” volgden, dat deegwaren, rood en verwerkt vlees en volle zuivelproducten omvat, 39 % meer kans hebben om borstkanker te ontwikkelen.

En te pas en te onpas wordt daar het geruchtmakende IARC Meat Report uit 2015 bij gesleurd. Voedingswetenschappers zijn die situatie beu. Het is niet omdat beunhazen die te pas en te onpas in de media worden opgevoerd populaire nonsens vertellen dat de waarheid geweld mag aangedaan worden. De jongste campagne van Greenpeace is daar een schoolvoorbeeld van. Het gaat hem niet om de gezondheid van de burger maar om de financiële gezondheid van de NGO.

Laten we beginnen met de omgekeerde (Vlaamse) voedingsdriehoek, waar onverwerkt vlees helemaal onderaan, naast boter, wordt gecatalogeerd. Vleeswaren, dus alles wat verwerkt is, staan zelfs helemaal buiten de driehoek. Met daarbij de expliciete waarschuwing dat je er “zo weinig mogelijk” mag van eten. Die voedingsdriehoek heeft minder met wetenschap dan met sectair geloof te maken want het idee dat vlees zo niet gemeden dan wel vermeden moet worden, komt van Ellen White, voorgangster van het Kerkgenootschap der Zevende-dags Adventisten.

Deze 19de eeuwse sekte geloofde dat Jezus op 22 oktober 1844 terug zou komen op aarde. Quod non. Daarop kreeg mevrouw White een visioen waarin Jahweh haar vertelde dat hij zich ontzettend stoorde aan de eetgewoonten van haar tijdgenoten. Het liefst zag hij de spijswetten zoals die beschreven staan in Leviticus 11 (onder meer geen paarden- en varkensvlees, geen garnalen en geen ongeschubde vis) opnieuw ingevoerd. Mevrouw White wou de Here extra plezier doen en voegde rundsvlees, ham en worstjes aan het lijstje toe. Kosjer of halal eten, was maar half werk.

Voor de onderbouwing van de adventistische voedingstheorie wordt onder meer verwezen naar de 1 Korintiërs 6:19-20. Daarin wordt beschreven dat het lichaam een tempel is van de Heilige Geest, dat God eigenaar is van dit lichaam en dat mensen God met dit lichaam eer moeten bewijzen, en daarom moeten de adventisten deze tempel ook wat betreft voeding zo zuiver mogelijk houden en om zo “de Schepper verhogen”.

Maar een theorie werkt pas als ze een wetenschappelijke onderbouwing krijgt: daarom richtten de Adventisten universiteiten op zoals het Kettering Medical Institute en het Orlando Institute of Health die de propagandamachines geworden zijn van vegetariërs, flexitariërs en veganisten.

Om de haverklap wordt onze mailbox overstroomd met belangrijke studies die het nut van deze heilsdiëten onderstrepen en die graag geciteerd worden in de media. Dat nota bene de cornflakes, de minst aangeraden gefabriceerde voeding, uitgevonden werden door de zevendedagsadventist John Harvey Kellogg (1852-1943) niet zo goed passen in hun gerichtheid op gezonde voeding, wordt daarbij zuinigjes verzwegen. Kellogg was ook de uitvinder van de pindakaas. Er zijn ondertussen Adventistische universiteiten op alle continenten die bijna allemaal de Health Sciences in hun vaandel voeren.

Professor ir. Frédéric Leroy (VUB), ook voorzitter van de Belgian Association of Meat Sciences & Technology (BAMST), krijgt er een punthoofd van. De Greenpeace-campagne rond Maya de Bij, die sigaretten uitdeelt aan kinderen, wou er nog eens de aandacht op vestigen. Wie verwerkt vlees eet, krijgt geheid kanker, zegt Greepaece en verwijst daarbij naar de nodige wetenschappelijke data van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO), die inderdaad lijkt te stellen dat verwerkt vlees behoort tot de zogenaamde groep 1: ‘kankerverwekkend voor mensen’.

Professor Stefaan De Smet (UGent) werkte mee aan een rapport van het International Agency for Research on Cancer (IARC), waar het WHO zich dan weer op baseert. “Greenpeace heeft de wetenschappelijke data daar misbruikt”, zegt De Smet. “De IARC heeft gesteld dat een hoog verbruik van vleeswaren een licht verhoogd risico op darmkanker inhoudt. Maar dan moet het al meerdere keren per dag op het menu staan. Ik vergelijk het graag met zonlicht. Overdreven blootstelling is zeker schadelijk, maar dat betekent niet dat je niet in de zon mag lopen. Integendeel. Je kunt dus niet zomaar stellen dat alle vleeswaren ongezond zijn.”

In hetzelfde rapport van het IARC (uit 2015 dat een meta-analyse is van 800 wetenschappelijke studies, probeerden de onderzoekers uit te vinden hoe sterk het verband is tussen rood vlees en dikkedarmkanker, maar dat bewijs bleef uit. Uit het rapport bleek vooral dat het eten van meer of minder rood vlees een relatief effect heeft op je kans om kanker te krijgen. Als iemand per dag 100 gram meer rood vlees eet, dan stijgt die kans met 17 procent. “Dat betekent dus niet dat je het niet meer mag eten”, zegt De Smet.

“Rood vlees heeft wel degelijk een plaats in ons dieet, maar je moet de voordelen afwegen tegenover het risico. Daarom zegt de WHO dat het prima is om tot 500 gram rood vlees te eten per week.” Ook het idee dat er een verband is tussen varkensvlees, cholesterol en hart- en vaatziekten blijkt niet te kloppen. Dit verband zag het licht in de jaren 50 en 60, op basis van onderzoek dat toen uitwees dat er een “hypothetisch” verband was tussen de drie.

Verzadigde vetzuren en cholesterol zouden gif zijn. Die hypothese is ondertussen meermaals ontkracht. Zegt professor De Smet: “De cholesterol die je via de voeding inneemt is verwaarloosbaar in vergelijking met wat je lichaam sowieso al aanmaakt.”

https://en.wikipedia.org/wiki/Seventh-day_Adventist_Church

http://www.bamst.be/publications/

Melk je kan zonder

Credits Wout Ritzema

Is het astma? Nee, het is melk…

Zesenveertig jaar lang heb ik gedacht dat ik astma had. Ik groeide op met de diagnose astmatische bronchitis, later had ik ‘gewoon astma’. Hoewel ik van kinds af aan wekelijks op sportvelden, in sporthallen of in de bossen aan sport doe, was ik altijd op afstand te herkennen aan mijn kuchje, mijn hoesten, mijn geschraap met de keel. Benauwdheid en luchtweginfecties waren altijd aanwezig of lagen op de loer, maar mijn medicijnen waren altijd paraat. Ik heb ze allemaal voorbij zien komen, in willekeurige volgorde, in alle doses en samenstellingen: Lomudal, Ventolin, Flixonase, Flixotide, Foster, Atimos, Alvesco, Singulair, Cetirizine, Seretide en vele, vele antibiotica met onuitspreekbare namen.

Ziekenhuis

Achteraf durf ik te stellen dat geen van de medicijnen voor mij heeft gewerkt, integendeel misschien. Diverse huisartsen, longverpleegkundigen en longartsen van zowel het toenmalige Oudenrijn Ziekenhuis (nu Sint Antonius), het Diakonessenhuis Utrecht en het UMC Utrecht zijn nooit verder gekomen dan het vertrouwde recept voor een vermeend probleem: Meer of andere medicijnen wegens ‘astma’. Lactose-intolerantie en koemelkallergie zijn op mijn verzoek ook onderzocht maar nooit aangetoond. Dit alles kon niet voorkómen dat ik eind 2010 voor elf dagen in het ziekenhuis moest worden opgenomen wegens zware longontsteking en longvliescomplicaties. Het was de zeer pijnlijke apotheose van de jaren daarvoor, waarin twee tot vier longontstekingen en luchtweginfecties per jaar heel normaal was. Starend naar het ziekenhuisplafond wist ik dat er ergens iets niet klopte en dat ik iets moest veranderen.

Leefstijl

Omdat ik vermoedde dat het met mijn leefstijl te maken had, ben ik meer gaan wandelen, hardlopen en fietsen, minder gaan snoepen en als ondernemer minder lange werkweken gaan maken. Ook plande ik meer tijd in voor ontspanning, sauna en ademhalingsoefeningen en ging nog vaker naar de bergen wegens de schone lucht. We hebben serieus overwogen te verhuizen naar buiten de Randstad wegens de mogelijke invloed van luchtverontreiniging op mijn longen en voorhoofdholtes. We hebben de schoonmaakfrequentie van ons huis opgevoerd, anti-allergie beddengoed gekocht en de deo-spray vervangen door rollers. We hebben zelfs een luchtreinigingsapparaat aangeschaft, mét ionisator uiteraard. Het had geen énkel effect op mijn ‘astma’.

Leven lang antibiotica

Alles veranderde precies twee jaar geleden. In korte tijd gebeurde er drie dingen die mijn leven voorgoed veranderde. Ademhalingsspecialist Stans van der Poel, die onder meer Olympische topsporters begeleidt bij het vergroten van hun prestaties, vertelde tijdens een cursus Excellent Health voor ondernemers over de relatie tussen astma en melk. Ik wist als vermeende astmapatiënt en melkliefhebber niet wat ik hoorde. In dezelfde periode concludeerde mijn longarts in het UMC Utrecht, na enkele maanden uitvoerig second opinion-onderzoek “dat ik er maar rekening mee moest houden dat ik de rest van mijn leven antibiotica moest gebruiken.” Ik checkte nog zijn kennis over de invloed van melk, maar dat wuifde hij met een handgebaar van tafel: dat kon een enkele keer voorkomen, maar daar was geen wetenschappelijk bewijs en (dus?) geen reden voor. Ik stond perplex, mijn leven lang aan de antibiotica? Het was een teleurstellende conclusie en een ongewenst vooruitzicht dat niet goed voelde.

Doorslaggevend

Een derde gebeurtenis gaf de doorslag: ik besloot een week geen melkproducten te gebruiken en simpelweg te kijken hoe mijn lichaam, longen en luchtwegen erop zouden reageren. Een flinke opgave voor iemand van de generatie die opgroeide met schoolmelk, Joris Driepinter, ‘Melk moet, melk doet goed’, ‘Melk is goed voor elk’ en Melk de Witte Motor campagnes en die (ongetwijfeld mede daardoor) gek is op melk. Ik stopte met mijn dagelijkse twee glazen melk of Optimel, drie cappuccino’s, boter, kaas, hagelslag, middagreep Bounty of Twix, koekjes en zuiveltoetjes zoals yoghurt, kwark, vla of pudding. Room, crème fraîche, sour cream of ijs bij het eten hebben we ook maar even achterwege gelaten, net als bakken in boter. Ik schrok van het aantal producten dat zuivel bevat, dat had ik me niet eerder gerealiseerd.

Verbijsterend

Het resultaat was verbijsterend: al mijn luchtwegklachten verdwenen binnen een paar dagen, sommige klachten al binnen een dag. Ik was niet meer benauwd, was mijn hoestje kwijt, had schone voorhoofdholtes, had meer lucht in mijn longen, kon lekkerder en langer squashen en hardlopen en voelde me fitter. Ik plakte nog een paar weken aan het experiment. De positieve effecten bleven.

Ik belde mijn longarts om het goede nieuws te melden en te vragen of en hoe ik het beste van mijn medicijnen af kon komen. Hij reageerde niet echt verrast: “Geen astmaklachten meer doordat je gestopt bent met zuivel? Ja, dat zou kunnen.” Hij stelde een afbouwprogramma voor van een half jaar van de twee inhalatiemedicijnen die ik destijds twee keer dagelijks gebruikte.

100% correlatie

Inmiddels zijn we twee jaar verder en ik eet of drink nog steeds nauwelijks tot geen zuivel. Ik gebruik al anderhalf jaar géén medicijnen meer. Ik sla de jaarlijkse griepprik over. Ik ben sinds de dag dat ik nauwelijks tot geen zuivel meer eet of drink niet één keer ziek geweest, laat staan verkouden of benauwd. Als ik het wél doe, merk ik het meteen, wat voor mij een correlatie van 100% betekent. Ik ben als onbedoeld bijeffect structureel een paar kilo lichter. En bij toeval ben ik erachter gekomen dat ik niet meer allergisch blijk te zijn voor noten, terwijl ik daar twee jaar geleden nog de gebruikelijke lichamelijke reacties op had. Een prettige bijkomstigheid omdat ik mijn dagelijkse boterhammen met boter, hagelslag, kaas en melk heb omgeruild voor muesli met noten, fruit en fruitsap of zuivelvervanger afgewisseld met brood met avocado, humus, makreel, tomaat of salade. Ik denk dat mijn immuunsysteem nu pas werkt zoals het hoort te werken. Ik ben nu 48. Had ik het maar eerder geweten: Mijn vermeende astma blijkt een reactie op zuivel te zijn.

De witte sloper

Het breed delen van kennis en ervaringen hierover kan het leven van heel veel mensen letterlijk tot een ware verademing maken. Ik ben blij dat Alissa Hamilton – die 1 juni te zien was in RTL Late Night naar aanleiding van haar nieuwe boek ‘Melk de witte sloper’ – een term heeft geïntroduceerd die net als Broodbuik en Voedselzandloper het gesprek op gang brengt en houdt over de invloed van voeding op de volksgezondheid in het algemeen en ons dagelijks leven in het bijzonder. Nog even los van het mogelijk eenzijdige karakter van het boek, zoals het Voedingscentrum beweert. Ik was er tot voor kort nog maar nauwelijks mee bezig. En melk bleek inderdaad mijn witte sloper.

Aan het denken zetten

Dus beste astmapatiënten, experimenteer eens een weekje zonder melk en melkproducten en kijk hoe je lichaam daarop reageert. Wie weet heb je helemaal geen astma, hoe geweldig zou dat zijn?

Beste artsen, longverpleegkundigen en diëtisten, kijk eens verder dan de gebruikelijke diagnoses of normeringen en onderzoek liever standaard bij luchtwegklachten ook of iemand lactose-intolerant is, een koemelk-allergie heeft of nog beter: hoe iemand reageert op zuivel.

Beste Longfonds, wetenschappers en onderzoekers, ga alstublieft door met het uitgebreid onderzoeken van de relatie tussen melkproducten en luchtwegaandoeningen in het algemeen en astma in het bijzonder. Of als u nog niet begonnen bent, maak alsnog een begin.

Beste Voedingscentrum, politici en beleidsmakers in de volksgezondheid, maak budget vrij om onderzoekers in de gelegenheid te stellen om hier grondig naar te kijken, om te leren hoe de relatie werkt en om voorlichting te geven over de mogelijke keerzijde van melkproducten.

Beste bedrijven in de zuivelindustrie, neem je maatschappelijke verantwoordelijkheid, werk mee aan onderzoek en wijs mensen op het mogelijke bijeffect van het eten of drinken van melkproducten, mijn voorbeeld staat écht niet op zichzelf als ik alleen al in mijn omgeving kijk.

Ik kan niet wachten op de dag dat het eerste bedrijf het aandurft om op de verpakkingen te vermelden: “Het eten of drinken van zuivel kán uw luchtwegen ernstige schade toebrengen”. Dit zou mij in elk geval al als tiener, twintiger of dertiger onmiddellijk aan het denken hebben gezet.

Utrecht, 2 juni 2015

Wout Ritzema

#zuivel #astma #dewittesloper #melk #melkproducten #luchtwegen #luchtweginfectie #eenweekzuivelvrij #kanmelk?

Extra: Annelies Moons

Vrijdag is een vertegenwoordigster van Nutrifyt geweest (heel specifieke voedingsupplementen). Zij vertelde me dat mijn eerste artikel uitgedeeld is geweest op een meeting in de firma. Daar zijn ze nu al wel meer specifiek gericht op planten als medicijn, maar toch. Ze weet dat ik helemaal geen voorstander ben van voedingssupplementen buiten dan vit D, B12 en omega 3. Weer spectaculaire resultaten van omega 3 op huidproblemen gezien. Ben blij dat het bewustzijn stillaan groeit.

extra 2 Annelies Moons

Hallo Sarina, neem dagelijks 2 capsules OPTI 3 (is 900mg EPA en DHA , een minimum). Heb hiermee ook al spectaculaire resultaten gezien bij huidproblemen (psoriasis, heel droge huid…) Het goedkoopst bij www.vegetology.com. WHC labs heeft me beloofd om tegen het najaar een goed vegan EPA en DHA supplement op de markt te brengen in België met astaxantine , een belangrijk antioxidant voor de ogen.